Poëzie

rock islands

In een samenleving die kwetsbaarheden het liefst negeert is de rol van dichters marginaal, maar belangrijker dan ooit. Dichters zijn eigenlijk openers. Het zijn de dichters die onbevooroordeeld open willen staan voor wat er is, en die het diepst raken aan de kern. En dat is geen vrijblijvende, zweverige en harmonieuze weg. Literatuur is immers niet alleen een positieve aangelegenheid: het kan ook gevaarlijk zijn:

“At its most fundamental level, to read is to put ourselves at risk, to make ourselves vulnerable by welcoming the presence of another into our psychic space. This can be a radically transformative experience, challenging us to reformulate our own self-understanding. But at worst, we become like the dinner-party guests in The Torture Garden or Don Juan ­– our ‘possession’ by a storyteller awakening our inner violence. Or else we become like Johannes’ Cordelia, the books we read reinforcing existing societal threats to our being. Either way, the act of reading is an act of acceptance of power: a power that, if not god-like, is nevertheless – within the sphere of the text – absolute.”

Subversief

En het is dat vermogen het kwaad in de wereld en in onszelf onder ogen te zien en er poëtische vorm aan te geven is juist nodig is deze tijd, om ‘root metaphors’ te ontmantelen. De dichter David Whyte omschreef het goed:

“It may be that we live in a time of collective heartbreak, where for the first time in history we are being asked to witness the disappearance and reappearance on a global scale of what it means to be fully human; to give away our identity and see how it is returned to us through a sincere participation in the trials and necessities of the coming years. Part of that heartbreak is the sense that we might not be equal to the ecological, political and economic transitions that are necessary, that our own selfishness may be writ too deeply into our genes and that the future is therefore untenable and unreachable. We do not as yet know if this is true, but the old humanistic story around ourselves as a successful species, always on the up and up and appointed to some special destiny, is fading and silvering into the night air, and we are left, at this point in history, contemplating the unknown immensity of the night behind it.”

Geen programma

Dit wekt overigens wel de indruk alsof dichters nadrukkelijk op zoek gaan naar die effecten en doelen, met een programma. Niets is minder waar. Dichters vangen op wat leeft, wat zich aandient. Juist hun zelfloze aandacht is wat het de moeite waard maakt, wat zeggenschap mogelijk maakt. Zie bijvoorbeeld het droge antwoord van Anne Carson op een vraag naar haar bredere zorgen:

“I’m not sure about broad concerns – how broad? Most of my concerns seem to me very narrow – the shade of difference between two synonymous adjectives in a sentence, whether or not to make an eyebrow with vertical or horizontal lines in a drawing, etc. The rest is after-shock.”

Het idee dat dergelijke ‘narrow concerns’ een plek mogen hebben in de grote boze wereld is waar we naar moeten streven: “I still think the revolution is to make the world safe for poetry, meandering, for the frail and vulnerable, the rare and obscure, the impractical and local and small” (Rebecca Solnit). De wereld is een betere plek als kunstenaars hun intuïties kunnen volgen, en delen van de wereld bloot kunnen leggen die anders verborgen blijven. En daar hoort ook bij dat we er soms van in verwarring raken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: